Kees Boegem




Kees Boegem (1956) kreeg interesse in de alternatieve geneeskunde nadat hij een meniscusoperatie had ondergaan. Na deze operatie waren de knieklachten niet geheel verdwenen dus zocht hij elders hulp. Na een periode van oriëntatie en opleidingen in Oosterse Geneeswijzen, bekwaamde hij zich in het geven van yogalessen en het op intensieve wijze masseren, zoals de therapeuten in het Verre Oosten dat doen. 

Door de opmerkelijke resultaten, die voor sommige klachten met relatief eenvoudige handelingen werden bereikt, ontstond een brede interesse voor de geneeskunde in het algemeen. Nadat hij zichzelf en enkele kennissen met brandwonden op de klassieke Oosterse wijze met o.a. tahoe (sojakaas) en gekneusde koolbladeren had behandeld, bleken de resultaten weliswaar opmerkelijk, patiëntvriendelijk en goedkoop te zijn, maar niet voor onze maatschappij geschikt, aldus de deskundigen op het gebied van brandwonden.

Omdat hij eveneens interesse in de Westerse geneeskunde en haar toepassingen had is na het behandelen van brandwonden op de klassieke Oosterse manier een door hem ontwikkelde balsem in 1992 in de handel gebracht, die aan de normen van de Westerse geneeskunde voldoet. Hieraan vooraf ging een onderzoek door TNO waarin het effect van de balsem is aangetoond. De Balsem is in 2005 als medisch hulpmiddel gecertificeerd en mag als regulier middel worden toegepast voor de behandeling van de verbrande en nog gesloten huid (zie verder onder Boegem Balsem). 

Naast de Boegem Balsem bij brandwonden is Kees vanaf 1976 actief in het behandelen van patiënten met klachten die door verhard spierweefsel kunnen ontstaan. Hij behandelt deze klachten met een rustige, maar intensieve massage, waarbij veel druk wordt uitgeoefend om de afgenomen doorbloeding in de verharde weefsels te verbeteren (zie verder onder Boegem therapie).